Vol 21 Nr 2 (2005): Identiteit

Het laatste decennium groeide identiteit uit tot een pregnant thema binnen het stedelijke en ruimtelijke beleid. De opkomst van het begrip zou geduid kunnen worden als een culturele omslag. Beleidsmakers hechten in toenemende mate aan sociaal-culturele factoren bij het ontwerp, de inrichting en het beheer van de stedelijke ruimte. Het begrip van identiteit keert terug in verschillende concepten, variërend van het stadslandschap in de culturele planologie en het imago in de stadsmarketing tot noties van historische authenticiteit in de planning van stedelijk erfgoed.
Ondanks de popularisering van het begrip bestaat nog veel onduidelijkheid over de definitie, de draagkracht en de toepasbaarheid in de beleidspraktijk Het huidige beleidsdiscours wordt gedomineerd door vage noties als 'de culturele factor' en 'de vierde dimensie'. Identiteit, zo lijkt het, is even veelomvattend als ondoorgrondelijk.
De volgende uitgave van AGORA zal het thema van identiteit vanuit verschillende invalshoeken belichten. Enerzijds wordt het begrip aan een kritische reflectie onderworpen. Hierbij wordt zowel ingegaan op de wetenschappelijke ontwikkeling van het begrip in de ruimtelijke disciplines als op identiteit als onderwerp van ruimtelijk beleid. Daarnaast wordt de relatie tussen artificialiteit (nep) en authenticiteit (echt) onderzocht in relatie tot vaak als identiteitsloos bestempelde plaatsen, zoals suburbs en VINEX-wijken.
Anderzijds wordt geprobeerd een dwarsdoorsnede te geven van de toepassing van identiteitsconcepten in uiteenlopende praktijk- en beleidsvelden. Aan de orde komen daarbij de inzet van begrippen als identiteit en symboliek in de stadsmarketing, de vertaling van culturele identiteiten in het ontwerp van private en publieke ruimten, de betekenisprofilering van stedelijke plekken, de 'branding' van stadswijken en de conceptualisering van identiteit in ruimtelijke productstrategieën.
Gepubliceerd:
2005-05-01